H . E . L . P .

‘Lieke, weet je wat er aankomt?’, vraagt Edith aan haar jongste dochter. Lieke kijkt op en schudt met haar hoofd. ‘Prokkelweek’, antwoordt Edith. ‘Van 4 tot en met 9 juni.’ Lieke begint te glunderen. ‘Vorig jaar was superleuk!’, zegt ze. Tijdens de Prokkelweek organiseren verschillende bedrijven activiteiten waarbij mensen met en zonder een verstandelijke beperking met elkaar in contact komen. Vorig jaar deed de familie H.E.L.P. mee aan ProkkelSterrenslag. ‘Dat was het zeker’, reageert Edith. ‘Wat gaan we dit jaar doen, mama?’, vraagt Lieke. ‘Ik lees dat er een talentenshow gehouden wordt’, antwoordt Edith, terwijl Lieke enthousiast in haar handen begint te klappen. ‘En GOL organiseert voor het zevende jaar op rij het Prokkelen in Lelystad’, vertelt Edith. ‘Bij restaurant Resto Van Harte gaan ze 7 juni vogelhuisjes opleuken en insectenhotels gereedmaken. Deze worden door de hele wijk opgehangen. Ook is er een gezamenlijke lunch. Je tante Rita gaat hier vanuit haar vrijwilligersfunctie bij MFA Zuiderzeewijk heen. Misschien kunnen we met haar mee?’ ‘Insecten?’ Lieke trekt een vies gezicht. ‘Vogels vind je wel leuk toch?’, lacht Edith. ‘Vogels zijn lief’, zegt Lieke. ‘Ik zal je tante zo bellen. Gaan we gezellig samen Prokkelen.’

‘Hoe was jullie dag?’ vraagt Edith als ze met haar gezin aan tafel zit. ‘Anne’s fiets is vanmiddag gestolen,’ vertelt Petra. ‘Ooooh,’ zegt Lieke geschokt. ‘Dat heeft een boef vast gedaan.’ Edith geeft haar een aai over haar bol. ‘Heeft ze bij het fietsdepot gekeken?’ vraagt ze. ‘Ja, en ze heeft aangifte gedaan met haar ouders,’ vertelt Petra. ‘Dat is rot,’ zegt vader Herman. ‘Ze hebben het al niet breed. Moeten ze misschien ook nog een nieuwe fiets aanschaffen. Jullie hebben binnenkort toch een excursie waar jullie met de klas fietsend naartoe gaan?’ vraagt Herman. Petra knikt. ‘Misschien kan Stichting Leergeld Lelystad ze helpen,’ zegt Edith. ‘Zij geven financiële hulp aan ouders met een inkomen rond bijstandsniveau. Ze leveren een bijdrage aan dingen die te maken hebben met schoolse activiteiten van kinderen van 4 tot 18 jaar. Zoals computers, schoolreisjes en fietsen.’ ‘Hoe vraag je het aan?’ vraagt Herman. ‘Je kan ze bellen, e-mailen of een brief sturen. Op hun website staat het aanvraagformulier,’ antwoordt Edith. ‘Mijn fiets krijgt de boef niet hoor!’ zegt Lieke opeens. ‘Puf bewaakt hem wel.’ Herman en Edith moeten lachen, terwijl blindengeleidehond Puf niet onder de indruk is en gewoon verder slaapt.

Petra loopt de woonkamer binnen, gooit haar jas en schooltas neer en ploft op de bank. ‘Hoe was school?’ vraagt haar moeder Edith. ‘Goed,’ antwoordt Petra. ‘Je had gym toch?’ Petra is dol op sport. ‘Ja, we gingen korfballen en ons team heeft met gemak gewonnen,’ zegt Petra trots. ‘Super!’ zegt haar moeder enthousiast. ‘Nu je het over korfbal hebt, ik hoorde dat Bureau Gelijke Behandeling Flevoland (BGBF) vorig jaar een zaak bij het College voor de Rechten van de Mens gewonnen heeft.’ ‘Om wat voor zaak ging het?’ vraagt haar man Herman. ‘Korfbalvereniging Exakwa weigerde een jongen met een beperking mee te nemen op kamp,’ vertelt Edith. ‘Terwijl hij met een paar eenvoudige maatregelen wel mee had gekund. De voorzitter van de korfbalvereniging heeft na het oordeel aangegeven hier gelijk wat mee te doen.’ ‘Zo te horen heeft het dus zeker zin om melding te maken bij het BGBF,’ zegt Herman. ‘Ruim jij je tas en jas nog op, Petra?’ vraagt Edith. ‘Maar ik heb spierpijn van het korfballen,’ antwoordt Petra sip. ‘Leuk geprobeerd lieverd,’ zegt Edith met een knipoog. ‘Hup, hup!’ Met zware benen en armen ruimt Petra toch haar spullen op.

‘Moet je horen Herman.’ Edith en haar man zitten in de woonkamer, terwijl hun dochter Lieke uiterst geconcentreerd naar een tekenfilm op tv kijkt. Edith vervolgt: ‘Weet je nog dat voormalig staatssecretaris van Sociale Zaken, Jetta Klijnsma, € 100 miljoen extra wilde geven aan kinderen uit gezinnen met een laag inkomen?’ ‘Jazeker,’ antwoordt Herman. ‘Dat geld is dus lang niet altijd terechtgekomen bij die kinderen,’ zegt Edith. ‘Ik lees hier dat sommige gemeenten het geld wel gewoon goed hebben besteed, maar moet je horen: in sommige gevallen is het geld gebruikt om gaten in de begroting te dichten. En bij sommige gemeenten is het geld zelfs terechtgekomen in de pot algemene middelen. Dat geloof je toch niet?’ zegt Edith boos. ‘Belachelijk,’ reageert Herman. ‘Ik ben nu wel nieuwsgierig hoe gemeente Lelystad het geld heeft gebruikt. En zouden arme gezinnen wel weten hoe ze hiervoor in aanmerking komen?’ vraagt Herman zich hardop af. Plots springt Lieke van de bank en stampvoet op de grond: ‘Mama en papa zijn boos, dus ik ben ook boos.’ Edith lacht om haar nu boze dochter. ‘Ben je weer blij?’ vraagt Lieke. Als Edith knikt, gaat Lieke lachend weer zitten.

‘Ooooh.’ Lieke kijkt gebiologeerd naar haar vaders arm. Hij heeft bloed laten prikken en er is nog een minuscuul gaatje te zien. ‘Doet het pijn?’ vraagt ze. ‘Nee hoor,’ zegt Herman. ‘Tijdens het prikken voel je alleen een klein steekje.’ ‘Papa? Hoe weet je wanneer je aan de beurt bent?’ vraagt zijn oudste dochter Petra. ‘Mensen met een visuele beperking mogen zich voortaan melden bij de balie van het bloedprikken om rechtstreeks geholpen te worden,’ vertelt hij. ‘Ik hoef dus geen nummertje te pakken. Het nummer op het scherm kan ik toch niet lezen. En Puf ook niet,’ grapt Herman. Blindengeleidehond Puf kijkt op. ‘Moest je eerst wel een nummer pakken?’ vraagt Petra. ‘Er liep een vrijwilliger mee,’ antwoordt Herman. Lieke rent plots naar de kast en pakt haar dokterskoffertje. ‘Ik heb een idee! Ik ben de dokter en jij bent mijn patiënt, Petra.’ Petra, die eigenlijk met haar vriendinnen wil whatsappen, wijst naar Puf. ‘Volgens mij moet je hem onderzoeken. Hij kan geen nummers lezen. Dat moet onderzocht worden, toch?’ verzint ze snel. Lieke denkt hier even over na en begint dan te knikken. ‘Gelukkig heeft Puf dokter Lieke.’ Ze loopt naar Puf en geeft hem een knuffel.